Waardering en-bloc clausule in AOV verzekeringen

Kennisbank •

Door een recente Q&A van DNB over de contractgrens bij individuele arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (AOV’s) staat de zogenaamde en-bloc clausule volop in de aandacht.

Waardering en-bloc clausule in AOV verzekeringen

Deze en-bloc clausule is een embedded optie voor de verzekeraar, waarvan de waarde geadresseerd zou moeten worden in de best estimate van de verplichtingen, alsmede in de Solvency Capital Requirement (SCR) onder Solvency II. In dit artikel beschrijf ik de waardering van deze optie aan de hand van een kwantitatief voorbeeld.

Achtergrond

De meeste arbeidsongeschiktheidsverzekeraars hebben een en-bloc clausule in hun voorwaarden opgenomen. Deze clausule maakt het mogelijk om in bestaande contracten eenzijdig wijzigingen door te voeren in de premie of de voorwaarden. Een wijziging als gevolg van de en-bloc clausule moet worden toegepast op een groep van verzekeringen, en mag niet worden doorgevoerd voor individuele klanten. De en-bloc clausule kan gezien worden als een ‘embedded optie’ in het verzekeringsproduct, ten gunste van de verzekeraar.

 

In de context van Solvency II wordt deze clausule door de meeste verzekeraars niet expliciet geadresseerd in de best estimate van de verplichtingen en in de SCR. In plaats daarvan wordt voor de bepaling van de SCR uitgegaan van een kortere looptijd, namelijk 1 jaar, onder de aanname dat verliezen na deze periode volledig gecompenseerd kunnen worden met premieverhogingen voortvloeiend uit de en-bloc clausule. Echter, DNB heeft in een recente Q&A1 aangegeven dat deze methodologie niet meer geoorloofd is voor individuele AOV’s. In plaats daarvan is de looptijd van de verzekering leidend en moet het en-bloc beleid expliciet beschreven en gemodelleerd worden.

 

Lees het hele artikel verder onder Download.

Over de auteur

Dr. Richard Plat AAG RBA

is partner bij Risk at Work.